
KRALENDIJK – De Adviescommissie Wet administratieve rechtspraak BES heeft dinsdag een hoorzitting gehouden over een bezwaar tegen de afwijzing van een Wob-verzoek over het Santa Clara-dossier. Centraal stond de vraag of het Openbaar Lichaam Bonaire (OLB) voldoende heeft gemotiveerd waarom de gevraagde documenten niet openbaar werden gemaakt.
Het Santa Clara-dossier ontstond nadat vragen waren gerezen over de besluitvorming rond verschillende grondtransacties, waaronder de voorgenomen aankoop van grond van de familie Abraham door het OLB. Naar aanleiding daarvan gaf de gezaghebber onderzoeksbureau Ebben Partners opdracht een feitenreconstructie uit te voeren naar de besluitvorming en de rol van bestuurders en ambtenaren.
Nog voordat het onderzoek was afgerond, werd een Wob-verzoek ingediend om onder meer de opdrachtverlening, de onderzoeksvraag, de reikwijdte van het onderzoek en interne documenten openbaar te maken.
Het OLB wees dat verzoek af, omdat openbaarmaking tijdens een lopend onderzoek volgens het bestuurscollege de zorgvuldigheid van het onderzoek kon beïnvloeden. Daarbij werd aangegeven dat de weigering een tijdelijk karakter had en dat na afronding van het onderzoek opnieuw zou worden beoordeeld welke documenten alsnog openbaar konden worden gemaakt.
Geen beoordeling per document
Tijdens de hoorzitting werd aangevoerd dat de afwijzing onvoldoende was gemotiveerd. Volgens de indiener van het bezwaar had het OLB per document of documentcategorie moeten beoordelen waarom openbaarmaking niet mogelijk was. Ook werd aangevoerd dat niet is onderzocht of documenten gedeeltelijk openbaar konden worden gemaakt.
Daarnaast werd erop gewezen dat het OLB in de oorspronkelijke afwijzing had aangekondigd na afronding van het onderzoek opnieuw te beoordelen welke documenten openbaar konden worden gemaakt. Volgens de indiener van het bezwaar is een dergelijke herbeoordeling niet gevolgd door een nieuw besluit.
Behandelaar afwezig
Namens het OLB was interim bestuurlijk juridisch adviseur mr. D.E. van Voorst aanwezig. Zij gaf aan dat de behandelaar van het Wob-verzoek verhinderd was en verwees voor de inhoudelijke onderbouwing naar het eerder ingediende verweerschrift. "Ik kan het kort houden en hou ik het gewoon bij de reactie die wij al hebben ingediend. Daar heb ik eigenlijk niet zoveel meer aan toe te voegen," zei Van Voorst.
Toen de commissie vroeg waarom het Wob-verzoek niet per document was beoordeeld, antwoordde zij: "Daar kan ik geen antwoord op geven. Ik ben niet behandelaar van de Wob-verzoeken. Ik heb nergens zien staan dat je per document een toelichting kan geven."
Ook op vragen van de commissie over de opdrachtbrief aan Ebben Partners en de overeenkomst met het onderzoeksbureau kon Van Voorst geen inhoudelijke toelichting geven.
Mogelijk alsnog documenten
Tijdens de behandeling vroeg een commissielid of de gevraagde documenten alsnog openbaar zouden kunnen worden gemaakt. Van Voorst antwoordde daarop: "Ik neem aan van wel."
Daarop stelde de voorzitter voor dat het OLB binnen twee weken intern onderzoekt of alsnog aanvullende documenten kunnen worden verstrekt. Tegelijkertijd zal de adviescommissie haar advies over het bezwaar voorbereiden.
De voorzitter gaf daarbij aan "voorzichtig" te kunnen concluderen dat er aanknopingspunten zijn om in het bezwaar mee te gaan. Tegelijkertijd liet hij ruimte om de procedure gedeeltelijk op te lossen als het OLB alsnog besluit aanvullende documenten openbaar te maken.
Advies volgt later
De adviescommissie brengt de komende weken advies uit aan het bestuurscollege. Daarna neemt het OLB een beslissing op het bezwaar. Tegen die beslissing staat vervolgens nog beroep open bij het Gerecht in eerste aanleg.


































