Kinderombudsman wil één gezamenlijk plan voor alle kinderen op Bonaire

· - leestijd 3 minuten
De Kinderombudsman bij het Liseo op Bonaire.
De Kinderombudsman bij het Liseo op Bonaire.

KRALENDIJK – Kinderombudsman Margrite Kalverboer pleit voor één overkoepelend plan om kinderen op Bonaire gezond, veilig en kansrijk te laten opgroeien. Volgens haar werken scholen, hulporganisaties en overheden nog te veel langs elkaar heen. Vooral rond armoede, onderwijs, vervoer en vrijetijdsbesteding ontbreekt volgens haar samenhang.


“Kom met één overkoepelende visie voor hoe wij kinderen hier vanaf hun geboorte tot zij volwassen zijn op een goede manier laten ontwikkelen en zich goed laten voelen”, zegt Kalverboer tijdens een werkbezoek aan Bonaire. “Wat is daarvoor nodig? Daar maak je één plan voor en daaronder liggen de organisaties die het moeten uitvoeren.”

De Kinderombudsman spreekt deze week met scholen, organisaties, bestuurders en kinderen. Hoewel haar bezoek nog niet is afgerond, ziet ze nu al dat de onderlinge afstemming moeizaam verloopt. “Aan de ene kant ben je hier heel klein, maar er zijn ongelooflijk veel organisaties en verschillende belangen. Als het gaat om kinderen moet je het belang van het kind vooropstellen.”

Tegenstrijdige verhalen over onderwijs

Kalverboer hoort tegenstrijdige verhalen over het aantal beschikbare plaatsen in het onderwijs. Zo wordt gezegd dat niet ieder kind een plek heeft, terwijl een bezochte basisschool aangaf nog ongeveer 110 plaatsen beschikbaar te hebben.

“Hoe meer je hoort, hoe complexer het wordt”, zegt ze. “We horen dat er te weinig plekken zijn, maar vervolgens kom je op een school die zegt dat er nog ruimte is. Dan moet je terug naar de vraag wat kinderen nodig hebben. Niet allemaal verschillende plannen, maar één plan voor kinderen op Bonaire.”

Volgens haar werken scholen nog onvoldoende samen. “Het eerste beeld is dat scholen weinig met elkaar samenwerken. Ze hebben een grote autonomie, maar moeten er onderling ook uitkomen. Daarbij moet vooropstaan wat kinderen hier nodig hebben en hoe zij dat samen gaan oplossen. Dat betekent soms geven en nemen.”

Ook ontbreekt volgens haar een betrouwbaar overzicht van het aantal kinderen dat niet naar school gaat. “Er wordt niet op een gelijke manier geregistreerd. Als je niet weet hoe groot het probleem is, kun je het ook moeilijk oplossen.”

De Kinderombudsman luistert naar kinderen op het Liseo Bonaire.
De Kinderombudsman luistert naar kinderen op het Liseo Bonaire.

Armoede is meer dan geldgebrek

De Kinderombudsman benadrukt dat kinderarmoede niet los kan worden gezien van het inkomen en de werkomstandigheden van ouders. “Kinderen zijn niet arm, maar ouders zijn arm. Dat zegt ook iets over hoe je het moet aanpakken.”

Volgens Kalverboer zijn incidentele voorzieningen niet voldoende. “Als ouders genoeg verdienen, is dat ook een oplossing voor armoede onder kinderen. Salarissen moeten afgestemd zijn op de kosten van levensonderhoud hier.”

Ze wijst erop dat ouders soms zes dagen per week moeten werken om rond te komen. Daardoor blijft weinig tijd en energie over voor de opvoeding. “Als jij zo vol zit met overleven, heb je niet de ruimte om je kinderen te geven wat je ze het liefst wilt geven.”

De gevolgen zijn volgens haar groot. “Kinderen zeggen dat ze veel stress hebben en dat het op school niet goed gaat, omdat ze daar nog nadenken over de thuissituatie. Hier heb ik gehoord dat kinderen soms al een hele dag achter de rug hebben voordat ze op school aankomen, omdat ze eerst hun broertjes en zusjes hebben moeten wegbrengen.”

Lege sportvelden

Tijdens een rondrit door verschillende wijken viel het Kalverboer op dat sportvelden en buurtvoorzieningen nauwelijks door kinderen werden gebruikt. “We zien overal prachtige veldjes en buurtcentra, maar we zien geen kind.”

Dat betekent volgens haar niet automatisch dat er niets voor kinderen wordt georganiseerd. Het probleem kan ook zijn dat zij de activiteiten niet kunnen bereiken. “Er is soms van alles, maar als je moeder of vader zes dagen werkt en je niet naar die plekken kan brengen, dan is er voor jou dus niets.”

Kalverboer noemt vervoer daarom een belangrijk onderdeel van de oplossing. “Wij lobbyen al tien jaar voor openbaar vervoer. Waarom koop je niet een paar bussen waarmee kinderen gereden kunnen worden? Je moet kijken naar wat hen verhindert om mee te doen.”

Kinderen worden zelf gehoord

Tijdens het bezoek spreekt de Kinderombudsman ook rechtstreeks met leerlingen. Daarnaast wil haar organisatie opnieuw een digitale vragenlijst verspreiden over de kwaliteit van leven van kinderen op Bonaire.

Kalverboer verwacht dat een digitale vragenlijst informatie oplevert die kinderen niet gemakkelijk in een gesprek delen. Zo schrijven kinderen volgens haar soms: “Ik zou willen dat mijn vader me niet meer met de riem slaat.” Wanneer volwassenen in algemene zin wordt gevraagd of kinderen nog met een riem worden geslagen, wordt volgens haar vaak gezegd dat dit alleen vroeger gebeurde.

Ook bij andere gevoelige onderwerpen speelt de kleinschaligheid van Bonaire een rol. “We hebben kinderen gevraagd of er een Kinderombudsman van het eiland zelf moet komen. Zij zeiden: nee, want dan vertellen we niet wat hier speelt, omdat het daarna op straat ligt. Veiligheid en vertrouwen zijn de basis.”

Lokale én landelijke verantwoordelijkheid

Kalverboer benadrukt dat niet alleen de Nederlandse overheid verantwoordelijk is. Ook het Openbaar Lichaam Bonaire, scholen en lokale organisaties moeten volgens haar in beweging komen.

“Je kunt niet alleen naar Europees Nederland wijzen. De opdracht hier is ingewikkeld en mensen moeten daarin worden ondersteund. Maar men moet zelf ook actie willen ondernemen.”

De Kinderombudsman verwacht na haar werkbezoek te bepalen welke partijen zij formeel zal aanspreken. “Mijn rol is te bevorderen dat kinderrechten worden nageleefd. Ik ben een soort waakhond, een pitbull. Als ik ervan overtuigd ben dat kinderen hier worden achtergelaten, dan zal ik dat aangeven.”

Volgens Kalverboer moet daarbij eerst worden gekeken naar wat kinderen nodig hebben en pas daarna naar de kosten. “Volwassenen verliezen het kinderrechtenperspectief uit het oog als ze eerst vragen wat iets kost. Je moet beginnen met de vraag wat een kind nodig heeft.”


98 keer gelezen

Deel dit artikel: