Filmfonds telt productiekosten op Bonaire ook mee

· - leestijd 1 minuut
Afbeelding
Foto: Hans Hofstra

KRALENDIJK – Uitgaven voor films en televisieseries op Bonaire tellen bij het Nederlands Filmfonds mee als Nederlandse productiebestedingen. Datzelfde geldt ook voor Saba en Sint Eustatius.


Dat onderscheid staat in de nieuwe reglementen van de Netherlands Film Production Incentive, die woensdag in de Staatscourant zijn gepubliceerd. De regels gelden voor bioscoopfilms en voor zogenoemde high-end drama-, documentaire- en animatieseries.

In de toelichting staat dat overal waar in het reglement over Nederland wordt gesproken, ook Bonaire, Sint-Eustatius en Saba worden bedoeld. Daardoor kunnen uitgaven aan filmprofessionals en filmbedrijven op de drie eilanden onder voorwaarden als Nederlandse productiekosten worden opgevoerd.

De subsidie is bedoeld voor productiekosten die aantoonbaar in (Caribisch) Nederland zijn gemaakt. De bijdrage bedraagt in beginsel 35 procent van de door het Filmfonds goedgekeurde kosten. Maximaal 80 procent van het totale productiebudget kan als kwalificerende productiekosten worden aangemerkt.

Beoordeling van aanvragen

Het verschil speelt ook een rol bij de beoordeling van aanvragen. Het Filmfonds kijkt naar de verhouding tussen de Nederlandse uitgaven en de gevraagde subsidie. Dit wordt het multipliereffect genoemd. Hoe meer geld een productie in (Caribisch) Nederland uitgeeft, hoe meer punten de aanvraag kan krijgen.

Bij bioscoopfilms kunnen met dit economische effect maximaal twintig punten worden verdiend. Bij series gaat het om vijftien punten. De regeling vermeldt daarbij expliciet dat uitgaven op Bonaire, Sint-Eustatius en Saba meetellen.

Dat geeft Bonaire een gunstige positie als opnamelocatie. Geld dat een producent op het eiland uitgeeft aan bijvoorbeeld lokale diensten, personeel en filmfaciliteiten kan de subsidieaanvraag versterken, voor zover de uitgaven aan de voorwaarden van het fonds voldoen.

Ook een op Bonaire gevestigde productiemaatschappij kan in beginsel als Nederlandse aanvrager worden beschouwd. Het bedrijf moet wel aan de overige eisen voldoen, waaronder voorwaarden aan ervaring, financiering, culturele waarde en eerdere producties.

De Film Production Incentive is bedoeld om Nederland aantrekkelijker te maken voor nationale en internationale filmproducties. Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap stelt daarvoor jaarlijks twintig miljoen euro beschikbaar.


317 keer gelezen

Deel dit artikel: