Rechter op Bonaire: belasting over volledige verkoopprijs, ook als koper niet betaalt

KRALENDIJK – Wie aandelen verkoopt, kan voor de inkomstenbelasting worden aangeslagen op basis van de volledige afgesproken verkoopprijs, ook wanneer de koper later een groot deel van dat bedrag niet betaalt. Dat blijkt uit een uitspraak van het Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
De zaak draait om een echtpaar dat op Bonaire woont. De echtgenoot was in 2021 enig aandeelhouder van een vennootschap die een snackbar in het centrum van Kralendijk exploiteerde. Op 2 november van dat jaar verkocht hij 75 van de honderd aandelen aan een andere partij. De totale waarde van alle aandelen was in de overeenkomst vastgesteld op 135.000 dollar. Voor de 75 aandelen werd een verkoopprijs van 101.250 dollar afgesproken.
Een deel van dat geld werd direct betaald. Volgens de overeenkomst was al 10.000 dollar voldaan, moest nog eens 15.000 dollar vóór 1 december 2021 worden betaald en zou het resterende bedrag van 76.250 dollar in zestig maandelijkse termijnen worden afgelost. Daar kwam een rente van zeven procent bovenop.
Slechts 28.019 dollar ontvangen
De koper kwam zijn betalingsverplichtingen echter niet volledig na. Uit de stukken in de rechtszaak blijkt dat uiteindelijk in totaal slechts 28.019 dollar van de overeengekomen koopsom werd betaald.
In de gezamenlijke aangifte inkomstenbelasting over 2021 was een winst uit aanmerkelijk belang van 139.853 dollar opgenomen. Dat bestond uit 40.000 dollar aan dividend en een zogenoemd vervreemdingsvoordeel van 99.853 dollar uit de verkoop van de aandelen.
Later maakte de vrouw bezwaar tegen de belastingaanslag. Volgens haar kon het vervreemdingsvoordeel niet 99.853 dollar bedragen, omdat een aanzienlijk deel van de koopprijs nooit was ontvangen. Zij vond dat alleen het daadwerkelijk ontvangen bedrag voor de belastingheffing moest meetellen. Als alternatief stelde zij dat de niet-betaalde termijnen als een negatief vervreemdingsvoordeel moesten worden beschouwd.
Verkoopmoment is doorslaggevend
Het Gerecht gaat daar niet in mee. Volgens de Wet inkomstenbelasting BES wordt het voordeel uit de verkoop van aandelen in een aanmerkelijk belang bepaald op het moment waarop die aandelen worden verkocht.
Daarom is volgens de rechter de overeengekomen verkoopprijs van 101.250 dollar bepalend. Dat een deel van de koopsom pas later in termijnen zou worden betaald, verandert daar niets aan.
Daarbij speelt ook mee dat bij het sluiten van de overeenkomst was vastgelegd dat was vastgesteld dat de koper financieel in staat was om aan zijn verplichtingen te voldoen. Er was volgens het Gerecht onvoldoende onderbouwing om ervan uit te gaan dat de vordering op het moment van verkoop al minder waard was dan de afgesproken verkoopprijs.
Dat de koper later niet alles betaalde, is volgens het Gerecht een gebeurtenis die pas ná de verkoop plaatsvond. Die kan daarom niet alsnog het fiscale voordeel over 2021 verlagen.
Beroep ongegrond
Ook een beroep op onder meer de hardheidsclausule en de beginselen van evenredigheid, zorgvuldigheid en fair play hielp niet. De rechter wijst erop dat toepassing van de hardheidsclausule is voorbehouden aan de minister van Financiën.
Het vervreemdingsvoordeel bleef daarmee vastgesteld op 99.853 dollar. Het beroep van de vrouw werd ongegrond verklaard. De uitspraak werd gedaan op 11 augustus en op 18 augustus gepubliceerd.
































