Moordzaak Saba legt gat bloot: smartengeld voor nabestaanden niet geregeld in Caribisch Nederland

· - leestijd 1 minuut
Afbeelding

KRALENDIJK – In de moordzaak op Saba eisen nabestaanden van brandweerman Sheldon Johnson bijna 28.000 dollar schadevergoeding. Advocaat Sjamira Roseburg stelt dat de zaak een fundamenteel juridisch verschil blootlegt tussen Europees en Caribisch Nederland. Op 25 juni doet de rechtbank uitspraak.


Tijdens de inhoudelijke behandeling van de zogenoemde Papaya-zaak vroeg Roseburg namens verschillende nabestaanden om een schadevergoeding. De kans dat die vordering volledig wordt toegewezen is onzeker, omdat de wettelijke regeling voor affectieschade, een vergoeding voor emotioneel leed van nabestaanden, in Caribisch Nederland niet bestaat zoals in Europees Nederland.

Volgens Roseburg wringt daar precies de schoen. “Als we kijken naar Nederland, dan is affectieschade wettelijk geregeld. Hier ontbreekt die regeling. Dat betekent dat nabestaanden in de BES-eilanden in een andere positie terechtkomen” zegt de advocaat.

PTSS als gevolg van schietpartij

Een deel van de vordering heeft betrekking op de partner van Sheldon Johnson, die tijdens de schietpartij aanwezig was. Volgens Roseburg is medische documentatie overgelegd waaruit blijkt dat zij psychische klachten heeft ontwikkeld die passen bij posttraumatische stressklachten (PTSS).

Daarnaast werd volgens de advocaat ook in haar richting geschoten. “Er zijn vier hulzen aangetroffen, waarvan twee het slachtoffer hebben geraakt. Zij stelt dat ook op haar is geschoten. Dat zij niet gewond is geraakt, betekent niet dat er geen gevolgen zijn geweest” aldus Roseburg.

Leemte in de wet

Volgens Roseburg laat de zaak zien dat de wetgeving binnen het Koninkrijk niet overal gelijk is. “In Nederland bestaat een duidelijke regeling voor affectieschade. Hier niet. Dat maakt het moeilijker om het emotionele leed van nabestaanden juridisch te vertalen naar een schadevergoeding” zegt zij.

Mocht de rechtbank de vorderingen niet-ontvankelijk verklaren of afwijzen, dan sluit Roseburg een vervolgprocedure niet uit. “Dan zullen we moeten kijken naar verdere juridische stappen. Deze zaak laat zien dat er mogelijk een leemte in de wet bestaat.”

Familie naar Bonaire

De advocaat benadrukt dat de aanwezigheid van de familie tijdens de rechtszaak belangrijk was. Omdat de zaak om veiligheidsredenen niet op Saba maar op Bonaire werd behandeld, moesten familieleden reizen om de zitting bij te wonen.

Het Gerecht stelde middelen beschikbaar zodat twee familieleden vanuit Saba naar Bonaire konden reizen en konden overnachten. Andere familieleden ontvingen ondersteuning van het Openbaar Lichaam Saba om de behandeling van de zaak te kunnen bijwonen.

Volgens Roseburg onderstreept dat hoe groot de impact van de zaak op de familie en de gemeenschap van Saba is geweest.


240 keer gelezen

Deel dit artikel: