Kamervragen over zorgwekkende staat van koraal Bonaire: kabinet moet voor Prinsjesdag antwoorden

DEN HAAG – De zorgwekkende toestand van de koraalriffen rond Bonaire heeft geleid tot Kamervragen. De Tweede Kamerleden Laura Bromet en Julian Tseggai (beiden PRO) willen dat het kabinet duidelijk maakt welke extra maatregelen worden genomen om het koraal te beschermen en vragen om de beantwoording nog vóór Prinsjesdag.
De Kamervragen volgen op de recente berichtgeving dat nog minder dan 10 procent van de oorspronkelijke levende koraalbedekking rond Bonaire resteert. De Kamerleden vragen of het kabinet de ernst van de situatie onderschrijft en of het koraal bij Bonaire moet worden beschouwd als een van de meest kwetsbare ecosystemen van Nederland.
Daarnaast willen Bromet en Tseggai weten of het kabinet bereid is meer capaciteit en financiële middelen beschikbaar te stellen voor klimaatadaptieve maatregelen op Bonaire. Daarbij verwijzen zij onder meer naar de Nationale Klimaatadaptatie Strategie (NAS) en de uitspraak in de Klimaatzaak Bonaire, waarin Nederland is opgedragen inwoners beter te beschermen tegen de gevolgen van klimaatverandering.
De Kamerleden vragen ook aandacht voor de kritiek van het Bestuurscollege van Bonaire op het ontwerp van de nieuwe Nationale Klimaatadaptatie Strategie. Volgens hen sluit die onvoldoende aan bij de lokale situatie en is niet duidelijk welke aanpassingen het kabinet wil doorvoeren. Ook wijzen zij op zorgen van maatschappelijke organisaties, waaronder Greenpeace Nederland, Vissersbond Piskabon, Kriabon en Tienda pa Konsumidó, die vinden dat de strategie te veel blijft steken in verkenningen en te weinig concrete maatregelen bevat.
Verder vragen de Kamerleden hoe het kabinet wil zorgen voor een gelijkwaardig beschermingsniveau tussen Caribisch en Europees Nederland. Daarbij wordt onder meer gevraagd naar waterveiligheidsnormen, structurele financiering, de uitvoering van klimaatplannen voor Bonaire, Saba en Sint Eustatius en de verdere uitwerking van het Multi-Hazard Early Warning System.
De ministers van Infrastructuur en Waterstaat en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zijn verzocht de veertien vragen afzonderlijk te beantwoorden vóór Prinsjesdag.
































