Kabinet erkent kwetsbaarheid Bonaire bij grote crisis

· - leestijd 3 minuten
Afbeelding

KRALENDIJK – Bonaire beschikt momenteel niet over strategische voorraden voor drinkwater, voedsel, medicijnen en brandstof. Dat schrijft het kabinet in een nieuwe Kamerbrief over de weerbaarheid en crisisbeheersing in het Caribisch deel van het Koninkrijk. Nederland wil samen met Bonaire, Sint-Eustatius en Saba normen vaststellen voor de voorraden en werken aan een robuuster ‘plan B’ voor crisissituaties.


Volgens het kabinet zijn de eilanden kwetsbaar door hun beperkte schaalgrootte, afhankelijkheid van import en de schaarse beschikbare crisiscapaciteiten. Daarnaast zijn de eilanden onderling sterk afhankelijk van elkaar. Een verstoring op het ene eiland kan daardoor ook gevolgen hebben voor andere eilanden.

De Algemene Rekenkamer onderzocht eerder de strategische voorraden op Bonaire, Sint-Eustatius en Saba. Daaruit bleek dat voor drinkwater, voedsel, medicijnen en brandstof niet wordt voldaan aan de normen die de Rekenkamer hanteerde. Het kabinet onderschrijft de conclusie dat er op de drie eilanden geen strategische voorraden aanwezig zijn.

Bonaire heeft enkele dagen reguliere watervoorraad

Voor Bonaire betekent dit onder meer dat er volgens de Rekenkamer normaal gesproken voor ongeveer drie tot vier dagen drinkwater beschikbaar is. De internationale norm die de Rekenkamer hanteert gaat uit van tien dagen. In een crisissituatie kan echter worden overgeschakeld op nooddrinkwater. Bonaire beschikt volgens de Kamerbrief over minimaal 26 dagen aan nooddrinkwater wanneer alleen wordt uitgegaan van de hoeveelheid die nodig is voor drinken en voedselbereiding.

De drinkwatervoorziening blijft volgens het kabinet kwetsbaar omdat Bonaire voor de productie afhankelijk is van geïmporteerde brandstof, materialen en chemicaliën. Ook schade aan de infrastructuur of problemen bij de zeewaterinlaat kunnen de productie verstoren.

Nederland wil daarom samen met Bonaire bekijken welke aanvullende normen en maatregelen nodig zijn. Daarbij kan worden gedacht aan extra voorraden, nooddistributie en het vergroten van de mogelijkheid om drinkwater te blijven produceren wanneer delen van de infrastructuur uitvallen.

Geen strategische voedselvoorraad

Ook voor voedsel bestaat op Bonaire geen strategische voorraad. De reguliere voorraad houdbaar voedsel wordt geschat op twee tot drie weken. Voor vers voedsel is ongeveer een week aan producten beschikbaar. De grote afhankelijkheid van import en de beperkte lokale productie maken de voedselvoorziening volgens het kabinet kwetsbaar bij internationale crises of problemen met transport.

Nederland wil daarom niet alleen kijken naar opslag, maar ook naar de lokale voedselproductie en alternatieve handels- en bevoorradingsroutes.

Het kabinet investeert in totaal €24 miljoen in het verhogen van de voedselproductie in het Caribisch deel van het Koninkrijk. Daarvan is €18 miljoen bestemd voor het CariFoodFund, dat ondernemers in de voedselzekerheidsketen leningen moet kunnen verstrekken. De overige €6 miljoen is bedoeld voor investeringen door de openbare lichamen, bijvoorbeeld in infrastructuur, irrigatie en water- en koelopslag.

Medicijnen relatief goed op voorraad

Voor medicijnen is de situatie op Bonaire volgens de Kamerbrief gunstiger. Hoewel er volgens de strikte definitie van de Rekenkamer geen strategische voorraad is, beschikken het ziekenhuis en de openbare apotheek samen over een voorraad medische producten voor ongeveer vier tot zes weken. Ook zijn er aanzienlijke voorraden medische hulpmiddelen aanwezig.

Het ministerie van Volksgezondheid wil samen met de drie openbare lichamen een nieuwe norm ontwikkelen voor kritische medische producten. Daarbij wordt bepaald welke producten essentieel zijn en welke voorraadniveaus daarvoor nodig zijn.

Brandstof blijft belangrijke kwetsbaarheid

Ook voor brandstof bestaat geen afzonderlijke strategische voorraad. De Rekenkamer hanteert een norm van 72 uur. Tegelijkertijd zijn op de eilanden wel relatief grote reguliere brandstofvoorraden aanwezig.

Een tekort aan brandstof kan grote gevolgen hebben. Niet alleen vervoer en elektriciteitsvoorziening zijn daarvan afhankelijk, maar ook de productie van drinkwater, de koeling van medicijnen en de voedselvoorziening.

Voor Bonaire en Aruba heeft het ministerie van Defensie inmiddels expertise geleverd om de opslag van brandstof en de logistieke lijnen in kaart te brengen. Voor Sint Eustatius en Saba moet een vergelijkbare inventarisatie nog plaatsvinden.

Energievoorziening moet minder afhankelijk worden

Het kabinet wijst daarnaast op de verduurzaming van de elektriciteitsvoorziening. Op Bonaire moet uiteindelijk tot 70 procent van de energiebehoefte duurzaam worden opgewekt. Voor Sint-Eustatius en Saba zijn percentages van respectievelijk 85 en 90 procent genoemd. Volgens het kabinet moet dit niet alleen bijdragen aan duurzaamheid, maar ook aan de bestaanszekerheid en weerbaarheid van de eilanden.

Crisisorganisaties hebben versterking nodig

Een afzonderlijk onderzoek van Crisisplan naar de crisismanagementcapaciteiten van de zes eilanden laat eveneens kwetsbaarheden zien. Het gaat onder meer om opleidingen en trainingen, achtervang binnen crisisorganisaties, informatievoorziening, expertise, medische capaciteit, logistiek, opvang en transport. Volgens het kabinet is verdere versterking nodig van zowel de voorzieningen als de organisatie van de crisisbeheersing.

Nederland wil het Caribbean Civil Protection Mechanism (CCPM) daarbij een grotere rol geven. Het samenwerkingsverband tussen de zes eilanden werd in 2025 opgericht en beschikt onder meer over een pool van crisisexperts. De komende drie jaar stellen de ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Justitie en Veiligheid samen ongeveer €600.000 beschikbaar voor het CCPM.

Daarnaast wordt gekeken naar een ondersteuningspunt voor de Benedenwindse eilanden en een voor de Bovenwindse eilanden. Daar zouden onder meer mobiele koelcapaciteit, noodstroomaggregaten en materialen voor oliebestrijding beschikbaar kunnen worden gehouden.

Het kabinet wil de komende periode samen met Bonaire, Sint-Eustatius en Saba werken aan normen voor drinkwater, voedsel, medicijnen en energie. Vervolgens wordt onderzocht waar de huidige voorzieningen tekortschieten en welke aanvullende maatregelen nodig zijn. Daarbij wordt niet automatisch gekozen voor grote strategische voorraden: ook lokale productie, alternatieve aanvoerroutes en nooddistributie kunnen onderdeel worden van het ‘plan B’. Het kabinet wil de Tweede Kamer in het voorjaar van 2027 informeren over de voortgang.


113 keer gelezen

Deel dit artikel: