
KRALENDIJK – Een steeds groter deel van het afval op Bonaire zal in de toekomst moeten worden geëxporteerd. Volgens het vertrouwelijke KPMG-onderzoek naar Selibon brengt dat niet alleen grote logistieke uitdagingen met zich mee, maar ook forse en deels nog onzekere kosten.
In de doorrekening van KPMG wordt ervan uitgegaan dat 17 van de 33 afvalfracties niet langer op Lagun mogen worden gestort. Zolang op Bonaire geen alternatieve verwerkingsmogelijkheden beschikbaar zijn, moeten deze afvalstromen naar het buitenland worden afgevoerd voor verwerking.
Voor de periode 2026 tot en met 2028 becijfert KPMG de jaarlijkse kosten voor verscheping en verwerking op ongeveer USD 3,6 miljoen. Daarvan bestaat circa USD 3,4 miljoen uit transportkosten en ongeveer USD 200.000 uit de daadwerkelijke verwerking van het afval. Het gaat daarbij om ongeveer 6.188 ton afval per jaar, verdeeld over circa 431 zeecontainers, ofwel gemiddeld één tot twee containers per dag.
Volgens KPMG is dat al een complexe operatie met de huidige capaciteit van Selibon. Wanneer in de toekomst nog meer afvalstromen niet meer mogen worden gestort, lopen de kosten volgens de onderzoekers snel verder op.
Zo is in een tweede scenario doorgerekend wat er gebeurt wanneer ook grof huishoudelijk en grof bedrijfsafval moeten worden geëxporteerd. In dat geval stijgt het aantal containers naar ongeveer 1.200 per jaar en lopen de jaarlijkse verschepings- en verwerkingskosten op tot ongeveer USD 13,4 miljoen.
Een derde scenario, waarin vrijwel alle afvalfracties worden geëxporteerd, zou zelfs uitkomen op ongeveer 3.000 containers per jaar en bijna USD 30 miljoen aan jaarlijkse kosten. KPMG merkt daarbij op dat dit volgens Selibon met het huidige personeelsbestand en wagenpark geen realistische optie is.
Grote onzekerheid
Tegelijkertijd benadrukt KPMG dat juist de kosten van export nog met aanzienlijke onzekerheden zijn omgeven. Voor veel afvalstromen vindt momenteel helemaal geen export plaats, waardoor de werkelijke kosten onbekend zijn. De onderzoekers moesten daarom gebruikmaken van offertes, aannames en beperkte praktijkgegevens om de kosten te ramen.
Daar komt volgens het rapport nog bij dat de berekeningen inmiddels mogelijk alweer achterhaald zijn. Tijdens het onderzoek ontving Selibon signalen dat de zeevrachttarieven door internationale ontwikkelingen fors zouden stijgen. Volgens KPMG zou een verdrievoudiging van de transporttarieven kunnen leiden tot een stijging van de totale verschepingskosten met ongeveer 35 procent. Die ontwikkeling is niet verwerkt in de gepresenteerde berekeningen.
KPMG adviseert daarom om in een volgende fase aanvullende offertes op te vragen bij Nederlandse en internationale verwerkers en tevens te onderzoeken of bepaalde afvalstromen dichter bij Bonaire kunnen worden verwerkt. Dat moet een realistischer beeld geven van de toekomstige kosten van het exporteren van afval.

































