
DEN HAAG – De ongelijkheid tussen Europees Nederland en Caribisch Nederland is zo groot geworden dat die de grens raakt van wat juridisch als discriminatie moet worden aangemerkt. Tot die conclusie komt de Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme (NCDR) in een nieuw advies dat deze week aan het kabinet is aangeboden.
In het rapport ‘Gelijkwaardigheid als Grondwettelijke Opdracht’ analyseert de NCDR de structurele achterstanden waarmee inwoners van Bonaire, Sint Eustatius en Saba dagelijks te maken hebben. Vijftien jaar na de staatkundige hervorming van 10 oktober 2010 is de belofte van gelijkwaardigheid nog steeds niet ingelost, concludeert de coördinator.
Democratisch falen
Nationaal coördinator Rabin Baldewsingh laat er geen onduidelijkheid over bestaan. "De kennis is aanwezig. De signalen zijn duidelijk. De urgentie is onmiskenbaar. Wat ontbreekt, is een consequente en afdwingbare vertaling van het gelijkheidsbeginsel in beleid en uitvoering."
De Nederlandse regering beroept zich er al jaren op dat de achterstanden nu eenmaal tijd kosten om in te lopen. Voor Baldewsingh is dat antwoord niet langer acceptabel. "Hoe lang nog? Er is steeds een argument om iets niet te doen. Ik vind dit een democratisch falen."
Rechtbank gaf al signaal
De NCDR wijst in het advies op een recente rechtszaak die Greenpeace aanspande over de klimaatbescherming van Bonaire. De rechtbank oordeelde dat het discriminatieverbod uit het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens was geschonden. Tegelijk stelde de rechter vast dat de staat zich onvoldoende heeft ingezet om de langdurige achterstelling ongedaan te maken.
Dat oordeel bevestigt wat de NCDR al langer signaleert: de structurele verschillen in bescherming en voorzieningen zijn juridisch relevant en niet langer houdbaar.
Grondwet geldt ook hier
Artikel één van de Grondwet garandeert gelijke behandeling van alle inwoners van Nederland, ongeacht woonplaats. Toch werkt het systeem in de praktijk niet zoals het zou moeten, constateert de NCDR. Wetgeving die standaard ook voor de eilanden moet gelden, wordt er lang niet altijd op toegepast. En als dat wel gebeurt, worden afwijkingen zelden of slecht onderbouwd.
Bovendien gelden meerdere internationale mensenrechtenverdragen wel voor Europees Nederland, maar niet voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Denk aan het Verdrag van Istanbul over bescherming van vrouwen tegen geweld, het VN-verdrag Handicap en het Europees Sociaal Handvest.
Het NCDR-advies roept het kabinet op om te stoppen met tijdelijke maatregelen en te kiezen voor structurele oplossingen.
Morgen: hoe de ongelijkheid er in de praktijk uitziet voor inwoners van de BES-eilanden.
Bron: NCDR, advies ‘Gelijkwaardigheid als Grondwettelijke Opdracht‘, april 2026
































