Voormalig eilandgriffier Cecilia: Bonaire heeft scherpe ‘poortwachters’ nodig

· - leestijd 3 minuten
Afbeelding
Foto: Adobe Stock

KRALENDIJK – Volgens Willem (Wimpy) Cecilia, voormalig eilandgriffier van het Openbaar Lichaam Bonaire, roept een recent verstuurde brief aan Den Haag vragen op over bestuurlijk mandaat en rolzuiverheid. De brief werd één dag na de beëdiging van het nieuwe bestuurscollege verzonden, in een periode waarin het bestuur nog in transitie was.


Cecilia wijst erop dat onduidelijk is op basis van welke formele besluiten de brief “namens het Openbaar Lichaam Bonaire” is verstuurd. Voor zover bekend had het nieuwe bestuurscollege zich nog niet uitgesproken en is er geen zichtbaar besluit van de eilandsraad. Dat maakt volgens hem de legitimiteit van de brief twijfelachtig.

De gezamenlijke ondertekening door gezaghebber, eilandsecretaris en eilandsgriffier vindt hij in dit licht problematisch. In het dualistische stelsel hebben deze functies elk een eigen rol en verantwoordelijkheid, die juist in tijden van politieke onrust zorgvuldig bewaakt moeten worden.

Cecilia onderstreept met deze situatie het belang van sterke poortwachters: functionarissen die toezien op correcte procedures en duidelijke bevoegdheden. Alleen zo kan het nieuwe bestuur met een helder mandaat werken aan stabiliteit en vertrouwen na een periode van bestuurlijke onrust.

Hieronder de volledige opinie van Cecilia:

Opinie: Na een bestuurlijke crisis verdient Bonaire scherpe poortwachters

Op 2 april 2026 werden de nieuwe gedeputeerden beëdigd en was het bestuurscollege eindelijk weer compleet — het einde van een turbulente periode in de Bonairiaanse politiek. Maar nog geen dag later, op 3 april 2026, werd een opmerkelijke brief verstuurd naar Den Haag. Drie handtekeningen staan eronder. De timing en staatsrechtelijke context maken deze brief problematischer dan op het eerste gezicht lijkt.

Na weken van politieke onrust, spanningen en de val van het vorige bestuurscollege, is op donderdag 2 april 2026 een nieuwe bladzijde omgeslagen. Een nieuwe coalitie trad aan en nieuwe gedeputeerden werden beëdigd. Voor Bonaire was dat geen klein moment. De bevolking heeft recht op stabiliteit, bestuurlijke rust en een slagvaardig bestuur. Zeker met de eilandsraadsverkiezingen van maart 2027 in zicht was het van groot belang dat het nieuwe college direct aan de slag kon.

Maar terwijl de nieuwe bestuurders nog nauwelijks geïnstalleerd waren, verscheen op 3 april 2026 een warrige en weinig coherente brief aan de staatssecretaris van Koninkrijksrelaties en Slagvaardige Overheid over de uitbreiding van het aantal leden van de eilandsraad en het bestuurscollege. De brief werd verzonden “namens het Openbaar Lichaam Bonaire” en droeg de handtekeningen van de gezaghebber, de eilandsecretaris en de eilandsgriffier.

Dat roept fundamentele vragen op. Wie sprak hier namens Bonaire? Ten tijde van verzending verkeerde Bonaire net in een bestuurlijke overgang. Het vorige college was gevallen. Een nieuwe college was net beëdigd. Voor zover publiek kenbaar, had het nieuwe bestuurscollege zich inhoudelijk nog niet uitgesproken over dit dossier. Evenmin is publiekelijk bekend dat de eilandsraad hierover een formeel besluit had genomen.

Als die besluiten ontbreken, rijst de vraag: op basis van welk democratisch of bestuurlijk mandaat is deze brief verzonden? Een brief “namens het Openbaar Lichaam Bonaire” suggereert breed institutioneel draagvlak. Maar draagvlak moet blijken uit besluiten van bevoegde organen, niet uit een optelsom van handtekeningen.

Drie handtekeningen, drie verantwoordelijkheden. Onder het dualistische stelsel zijn de eilandsraad en het bestuurscollege gescheiden organen, ieder met een eigen rol en eigen ondersteuning. De eilandsgriffier ondersteunt de eilandsraad. De eilandsecretaris ondersteunt het bestuurscollege. De gezaghebber staat boven de partijen en bewaakt bestuurlijke zorgvuldigheid.

Dat juist deze drie functionarissen gezamenlijk tekenen onder één politiek-bestuurlijke brief, in een overgangssituatie zonder zichtbaar vers mandaat, maakt de zaak precair. De eilandsgriffier behoort niet zelfstandig politieke standpunten van de raad uit te dragen zonder raadsbesluit. De eilandsecretaris dient te handelen binnen de lijn van een bevoegd bestuurscollege. En de gezaghebber heeft juist in bestuurlijke crisismomenten de verantwoordelijkheid om rolzuiverheid en institutionele grenzen te bewaken.

Timing is hier dus alles. De brief kwam niet midden in een stabiele bestuursperiode. Zij kwam één dag na de beëdiging van een nieuw college, na meer dan een maand van politieke crisis. Daardoor ontstaat onvermijdelijk het beeld dat een oud standpunt nog snel is vastgelegd voordat het nieuwe bestuur en coaltie zich konden positioneren. Misschien is dat niet de bedoeling geweest — maar bestuurlijke integriteit gaat niet alleen over intentie, ook over uitstraling en zorgvuldigheid.

Bonaire verdient sterke poortwachters. Juist in kleine bestuursgemeenschappen is de rol van topfunctionarissen cruciaal. Zij zijn de poortwachters van de rechtsstaat: zij bewaken procedures, bevoegdheden en zuivere verhoudingen wanneer de politiek schuurt. Als bestuurders en coalitie wisselen, moet de ambtelijke top extra zorgvuldig zijn. Niet minder.

Het nieuwe bestuurscollege verdient de ruimte om eigen afwegingen te maken en met een helder mandaat namens Bonaire op te treden. De bevolking verdient bestuurlijke rust na jaren van turbulentie en bestuurlijke bokkesprongen. Daarom is deze brief meer dan een incident. Het is een herinnering dat goed bestuur niet alleen draait om inhoudelijke standpunten, maar ook om de vraag wie spreekt, namens wie, en op basis waarvan.

Bonaire heeft behoefte aan scherpe poortwachters — juist wanneer de politieke wind draait.

Willem A. Cecilia
Bonaire


1.362 keer gelezen

Deel dit artikel: